Maas en Waals mannenkoor op weg naar kerst (2003)

De knikengel wiebelt tevreden met zijn gipsen hoofdje. En de volgepropte Heilig-Hartkerk in Oss barst los in een daverend applaus.
En dat hebben ze verdiend ook, de 90 leden van het Maas en Waals Mannenkoor. Het kerstconcert dat ze anno 2000 in Oss verzorgden, had geklonken als een klok.
In een prachtige reportage laat cineast Jos Kruisbergen zien dat het voorbereiden van zo’n muziekuitvoering heel wat voeten in aarde heeft. Zijn filmverhaal begint in de Drutense basisschool De Kubus, in de klas van Henk van Zwam. De meester is lid van het Maas en Waals Mannenkoor. “Hij kan heel mooi zingen, hij is niet schor”, zo laten ‘zijn’ kinderen trots weten.
Henk van Zwam vindt het heerlijk om in het koor te zingen. In de klas moet hij altijd de baas spelen, “maar tijdens de zangrepetities heeft iemand anders de regie in handen.” En het jaarlijkse kerstconcert, da’s de slagroom op de pudding, zegt hij. “Daar werk je per slot van rekening driekwart van het jaar naar toe.”
Dirigent Ad verstreden is al onder de indruk vanwege het sfeertje dat het koor tijdens de voorbereidende repetities ademt. “En ook de mensen in de kerk vinden een kerstconcert ‘anders’; ze hebben er een bepaalde verwachting van.”
Veehandelaar Wim Gruijthuijsen is stapelgek op zijn koor. ‘t Is alles voor hem, zo zegt hij. “Muziek houdt je jong.”