Koningsdag zoals Wamel die kent (2025)

Alle films op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd en mogen niet worden gekopieerd. Het plaatsen van een link naar onze website is wel toegestaan.

Koningsdag zoals alleen Wamel die kent

De rood-wit-blauwe vlag wappert fier in de toren van de Nederlandse Hervormde kerk in Wamel. In de Henricusstraat hangen de vlaggen strak, met de oranje wimpel erbij, alsof ze speciaal voor deze dag nieuw uit de winkel zijn gehaald. Alles staat klaar voor het jaarlijkse schouwspel.

Het hele dorp ademt oranje. Kinderen zijn bijna allemaal in het oranje gekleed, oranje ballonnen dansen in de lucht en zelfs de fietsen hebben een feestelijk tintje gekregen. Het is die typische Wamelse sfeer die je nergens anders vindt.

Een optocht zonder muziek? In Wamel ondenkbaar. Harmonie Koningin Wilhelmina trekt traditiegetrouw door de straten, gedragen door de gemeenschap. Terwijl op veel plaatsen in Nederland fanfares en harmoniegezelschappen verdwijnen door vergrijzing, blijft deze traditie hier springlevend. En zo moet het ook blijven, zolang het maar enigszins kan.

De Maas- en Waalse cineast Jos Kruisbergen bracht jarenlang dorpen met Koningsdag uit het Rivierengebied op de landelijke televisie – beelden die zelfs wereldwijd te zien waren. In 2025 maakte hij opnieuw een montage van deze kleurrijke stoet, gewoon in zijn eigen dorp, zoals alleen hij dat kan vastleggen. Zoals Kruisbergen zelf zegt: we moeten ook eens denken aan al die vrijwilligers.

Koningsdag in Wamel heeft iets bijzonders. Het is die gemoedelijkheid, dat echte dorpsfeestgevoel. Maar bovenal zijn het de vrijwilligers die dit mogelijk maken. Al maanden van tevoren zijn zij bezig met organiseren, regelen en opbouwen. Dat mag nooit vergeten worden, want zonder hen zou het een kale boel zijn.

In veel dorpen in Nederland wordt Koningsdag soberder of verdwijnt het zelfs, door een tekort aan vrijwilligers. Maar in Wamel is dat nooit een probleem geweest. Sterker nog, het dorp is vaak een voorbeeld voor de rest van Nederland: een gemeenschap die samenwerkt, het dorp levendig houdt en laat zien dat het ook zonder rellen kan.

Op het dorpsplein barst het feest los. Oranje spelen voor de kinderen, gelach en plezier alom. Er worden knakworsten verkocht, suikerspinnen draaien rond en overal zie je een bont, kleurrijk gezelschap van ouders, kinderen, opa’s en oma’s die samen genieten.

Kijk naar de kleurrijke optocht, vastgelegd op de site van de Jos Kruisbergen Stichting, en je ziet het meteen: dit is Koningsdag zoals alleen Wamel die kent.

De Betuwe in Bloesemlicht (2026)

Alle films op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd en mogen niet worden gekopieerd. Het plaatsen van een link naar onze website is wel toegestaan.

De Betuwe in Bloesemlicht

De lente ontwaakt, en in de stille pracht van de Betuwe staat alles in bloei. De Maas en Waalse cineast Jos Kruisbergen kon de lokroep niet weerstaan en trok samen met zijn regisseur en muziekkenner Corrie door het landschap dat al eeuwenlang betovert.

Zelfs Jacob van Ruijsdael zou hier zijn ogen hebben uitgekeken. De boomgaarden als een zee van bloesem, zacht deinend in het voorjaarslicht. Woorden schieten tekort waar beelden spreken: een verstilde schoonheid, een adem die even wordt ingehouden.

Kijk, en laat je meevoeren door de magie van een Betuwe in bloesemlicht.

KERKHOF: laat ze rusten waar ze hebben geleefd (2001)

Alle films op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd en mogen niet worden gekopieerd. Het plaatsen van een link naar onze website is wel toegestaan.

KERKHOF: laat ze rusten waar ze hebben geleefd

Door Jos Kruisbergen

Wie bepaalt wat mag blijven — en wat verdwijnt?

Enkele jaren geleden liep ik met mijn broer Lou over het kerkhof in Wamel. Hij filmde mij bij het graf van onze ouders, bedoeld voor onze kleinkinderen. Zodat zij later zouden weten waar ze vandaan komen. Oma Diena, 107 jaar oud geworden, hebben ze nog gekend. Maar wat blijft er over voor de generaties daarna?

Wamel is een dorp van herinneringen. Bij het jubileum van 1100 jaar Wamel werden namen van dorpsgenoten opgeborgen in een koker, pas over honderd jaar weer te openen. Een mooi symbool van verbondenheid. Maar tegelijk verdwijnen op het kerkhof juist die namen — steen voor steen.

Daar liggen de mensen die dit dorp hebben gevormd. Mensen van verenigingen, van de kerk, van het dagelijks leven. Generaties die samen Wamel hebben gemaakt tot wat het is.

En toch is niet iedereen gelijk.

Want terwijl graven van pastoors en kapelaans blijven bestaan — mannen die onmiskenbaar mede het dorpsleven hebben bepaald — verdwijnen de graven van gewone dorpsmensen. Mensen die misschien minder zichtbaar waren, maar net zo goed het fundament vormden van diezelfde gemeenschap.

Daar schuurt het.

Want in het katholieke geloof zijn arm en rijk gelijk. Zo is het ons geleerd. Maar de werkelijkheid laat iets anders zien. Juist de armste mensen gaven vroeger vaak hun laatste geld aan de kerk — uit geloof, uit trouw, uit overtuiging. Maar als zij eenmaal begraven zijn en de grafrechten niet meer betaald kunnen worden, wordt hun graf geruimd.

Hoe valt dat met elkaar te rijmen?

Als generaties lang dorpsbewoners de kerk hebben gedragen, met hun inzet en hun geld, dan hoort die kerk ook van hen te zijn. Van het dorp. Van de gemeenschap — niet van een instantie op afstand.

Van huis uit ben ik katholiek. Ook een weggeschopte misdienaar. Maar juist daarom weet ik wat die kerk kan betekenen, als zij van de mensen blijft.

Wat nu verdwijnt, zijn niet alleen graven. Het zijn verhalen.

Ik denk aan Jan van den Hurk, die met zorg de letters op het graf van zijn ouders bijhield. Hij vertelde over zijn vader, een oorlogsslachtoffer. Dat graf was niet alleen een familieplek, maar een stukje dorpsgeschiedenis. En toch is ook dat verdwenen.

Ik denk ook aan een mevrouw die ooit vertelde dat het graf van haar broer, eveneens een oorlogsslachtoffer, zonder haar kennis werd geruimd en verplaatst naar een algemene oorlogsbegraafplaats. Geen bericht, geen overleg. Alsof een stuk van haar verleden zomaar was weggehaald.

Dat zijn geen losse incidenten. Dat is het langzaam uitwissen van wie wij waren.

In landen als Frankrijk wordt een begraafplaats gezien als cultureel erfgoed. Als een plek waar geschiedenis zichtbaar blijft. Waarom kunnen wij dat niet?

Hier lijkt het steeds vaker neer te komen op een rekensom: betalen of verdwijnen.

Maar alles draait om geld, terwijl het zou moeten gaan over saamhorigheid, liefde en dorpsgevoel. Over mensen die een blijvende plek verdienen in het dorp waar zij hebben geleefd. Een plek waar je kunt zitten, herinneren en verhalen delen.

Er wordt gezegd dat er geen ruimte meer is. Maar ruimte is ook een keuze.

Geef ook mensen die gecremeerd zijn een zichtbare plaats. Een naam die blijft.

En juist rond Pasen, het feest van opstanding en nieuw leven, voelt dat wrang. We vieren dat het leven sterker is dan de dood, maar laten ondertussen herinneringen verdwijnen.

Een dorp moet zich afvragen wat het wil bewaren.

Dit gaat niet alleen over graven.
Dit gaat over rechtvaardigheid.

Het is mogelijk om het kerkhof voor eeuwig voor het dorp te behouden, en ik ben ervan overtuigd dat wat nu gebeurt door vrijwilligers, ook door toekomstige vrijwilligers in ons mooie dorp Wamel zal worden verzorgd. Bewaar het kerkhof.

Geef het verleden een plaats en laat de mensen voor eeuwig rusten. Laten we blijven genieten van hun levensverhalen — want als de graven geruimd zijn, zijn die verhalen voorgoed verdwenen.



Mond en Klauwzeer de wereld is gek geworden (2001)

Alle films op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd en mogen niet worden gekopieerd. Het plaatsen van een link naar onze website is wel toegestaan.

Mond-en-klauwzeer: de wereld is gek geworden

Er wordt hier niet geruimd,” zegt dijkbewoonster en hobbyboerin Mayke Warlam uit Wamel, terwijl ze een pasgeboren geitje in haar armen houdt. “Want dan duik ik onder.” Haar woorden zijn fel en vastberaden — een echo van de emoties die 25 jaar geleden het hele land in hun greep hielden.

Het is precies 25 jaar geleden dat de uitbraak van mond- en klauwzeer (MKZ) Nederland ontwrichtte. In 2001 werden naar schatting 280.000 dieren geruimd — door velen ervaren als vermoord. Voor veel boeren betekende dat een ongekende klap, zowel economisch als emotioneel. Ook in het Land van Maas en Waal sloeg de angst hard toe.

Te midden van de drukte van fotografen, journalisten en televisieploegen koos cineast Jos Kruisbergen een andere weg. Hij was niet te vinden in de hectiek bij de grote nieuwsplekken, maar bleef in zijn geboortedorp Wamel. Daar maakte hij, samen met zijn dorpsgenoten, een ingetogen en eerlijk portret van deze ingrijpende periode. In zijn kenmerkende stijl bracht hij het verhaal terug tot de kern: klein, menselijk en indringend. Een waardevol tijdsdocument, vastgelegd voor nu en toekomstige generaties.

Op het hek van de kinderboerderij hangt een bord: “Verboden toegang i.v.m. MKZ.” Het terrein ligt er stil en verlaten bij. Geen dier is te bekennen. Waar normaal leven is, heerst nu leegte.

In de supermarkten raakt de melk op. Ilona Feekens loopt met een pannetje van de dijk en belt Gerry Derks met de vraag of ze wat melk kan krijgen. “De melk mag niet vervoerd worden,” klinkt het. “Anders moeten we het in de put laten weglopen.” Het is een wrange werkelijkheid: terwijl winkels leeg raken, wordt melk noodgedwongen vernietigd.

Dijkbewoner Jan Vervoort zit met de handen in het haar. Hij wil zijn schapen verplaatsen naar de dijk, maar dat mag niet. Pas half april komt er ruimte in de regels. Tot die tijd blijft de onzekerheid knagen.

Bij het Veerhuis in Wamel staan, tussen het hoge water op de zomerkade, twee paarden. Ze moeten worden geëvacueerd, maar de eigenaren mogen ze niet zelf vervoeren. Regels en realiteit botsen pijnlijk. Later worden de paarden, onder politiebegeleiding, alsnog naar het dorp gebracht. Daar vinden ze een veilige plek: ze mogen grazen in de wei van boer Gruijthuijzen — een klein moment van opluchting in een onzekere tijd.

Boer Jan Beck verwoordt de wanhoop kort en krachtig: “Zo snel mogelijk spuiten om van de ziekte af te komen.” Het virus is ongrijpbaar en verspreidt zich zelfs via de lucht — een vijand die niet te stoppen lijkt.

De documentaire van Jos Kruisbergen neemt de kijker mee terug naar deze aangrijpende periode in 2001. Het is een ontroerend en eerlijk verhaal over angst, machteloosheid en saamhorigheid. Precies 25 jaar later voelt het nog altijd actueel: een tijd waarin burgers het soms beter denken te weten dan de overheid.

De indringende documentaire is te zien op de site van de Jos Kruisbergen Stichting — een bijzonder stukje geschiedenis dat niet vergeten mag worden.

Verjaagd uit het verzorgingstehuis, zichtbaar bij de stembus

Alle films op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd en mogen niet worden gekopieerd. Het plaatsen van een link naar onze website is wel toegestaan.

Verjaagd uit het verzorgingstehuis, zichtbaar bij de stembus
Door Jos Kruisbergen
Jeugdherinneringen tegenover Huize St. Henricus
Soms gaan mijn gedachten terug naar mijn jeugd. Wij woonden recht tegenover
het statige Huize St. Henricus, ooit de grote trots van het dorp Wamel. Het
gebouw werd in 1936 opgetrokken met stenen uit de Wamelse steenoven,
gebouwd door de handen van mensen uit het dorp zelf. Het hoorde bij Wamel,
alsof het er altijd al had gestaan.
Voor mij persoonlijk zat het vol herinneringen. Ik ging er naar de kleuterschool.
Als ik ondeugend was, werd ik wel eens in een donkere kast gezet. Ik moest
ook eens bij de moeder-overste komen nadat ik in het keldergat had staan
plassen — een straf die diepe indruk maakte op een jongen van die leeftijd.
Later werd ik er zelfs als misdienaar weggestuurd. Toch bleef het een plek die
bij mijn leven hoorde. Want Huize St. Henricus was meer dan een klooster. Het
was een verzorgingstehuis waar mensen goed werden verzorgd en waar het
hele dorp welkom was. Voor veel bewoners was het hun tweede huis. Vaak ook
hun laatste thuis.
De sloop van het gebouw
In 1995 kwam er abrupt een einde aan dat alles. De bulldozer kwam en het
statige gebouw ging tegen de vlakte.
Kort voor de sloop maakten we nog een interview met een bewoonster. Haar
woorden staan me nog altijd helder bij:
“Ik moet hier weg, maar ik ga niet weg. Ze zullen me eruit moeten
dragen.” Lees verder